Nieuws George Moormann Stadsdichter De Zingende Zaag Contact
Producties

 

Nieuws van 7 mei 2006 De dichter en het veranderde landschap
Nieuws van 2 april 2006 Ik ben de brandende man
Nieuws van 5 maart 2006 Boem Paukeslag
Nieuws van 5 februari 2006 Olympisch goud voor de poëzie
Nieuws van 1 januari 2006 Nieuwjaarsreceptie
Nieuws van 4 december 2005 Heerlijk avondje
Nieuws van 6 november 2005 Beeldgedichten
Nieuws van 2 oktober 2005 Dierensonnetten
Nieuws van 5 juni 2005 Dichtwedstrijd
Nieuws van 24 april 2005 Eerste editie

Nieuws van het poëziecafé

Beeldende Kunst centraal tijdens vierde editie van PoëzieCafé De Zingende Zaag

In het kader van de Kunstlijn stond PoëzieCafé De Zingende Zaag op 6 november volledig in het teken van beeldende kunst. Stadsdichter George Moormann stelde een bijzondere bloemlezing samen van zogenaamde beeldgedichten, dat wil zeggen gedichten geschreven over een bepaald kunstwerk, en droeg een aantal van zijn meest recente stadsgedichten voor. Diverse dubbeltalenten als Jenny Klevering (schilder en beeldhouwer), Gerrie Hondius (striptekenaar), Renée Borgonjen (tentoonstellingsmaker), Corlyn Bol (kunsthistorica) en Desirée de Koster (auteur) droegen beeldgedichten van eigen hand voor. Een grote verrassing was het optreden van Jacinta Heijmans (schilder) die voordroeg uit recent herontdekte dichtbundels van haar overleden vader Eduard Heijmans.

Het gesproken woord werd afgewisseld met het gezongen woord van minstreel Paul Marselje en Haarlemse stedenmaagd Dolly Bellefleur. Ook nu was het publiek weer laaiend enthousiast en waren alle stoelen, krukken en staanplaatsen bezet. Tip!: neem het volgende PoezieCafe (met o.a. een PoetrySlam tussen twee Sinterklazen!) op zondagmiddag 4 december je eigen kussen mee! Voorin naast het podium kun je dan voor de stoelen naast het gangpad plaatsnemen! Programma begint om 17 uur. Deuren gaan open om 16.30 uur.

Allerlei soorten poëzie maar geen klappermanspoëzie

In het kader van de Kunstlijn was de vierde editie van het PoëzieCafé De Zingende Zaag geheel gewijd aan de relatie woord en beeld. Er werden zogenaamde beeld- of schilderijgedichten voorgelezen en er was veel aandacht voor zogenoemde dubbeltalenten.
George Moormann kondigde een gevarieerd programma aan waar voor allerlei poëzie plaats was maar niet voor klappermanspoëzie.

In het televisietijdperk waarin alles vooral leuk, gezellig, prettig voorgesneden of hapklaar moet zijn moet men er voor waken dat ware poëzie door ondeugdelijke rijmelarij wordt overstemd. De klappermanspoëzie klinkt steeds vaker, en dat niet alleen met nieuwjaar, door de Haarlemse straten. Klappermanspoëzie is een woord dat je al bij Frederik van Eeden vind. Het herinnert ons aan de Nachtwachten die met hun glaasje te veel op de burgerij rond Nieuwjaar trakteerden op hun kreupele en door iedereen te begrijpen verzen. Een nieuwsjaarsgroet op rijm gesteld die een aardigheidje was geschikt als groet of geldklopperij maar natuurlijk geen woordkunst die beklijft. Daaraan wordt als het goed is met veel deugdelijker beitels en hamers gewerkt…

George Moormann

In zijn inleiding benadrukte George Moormann naast het uitmelken van zijn of haar talenten het belang van veel lezen en oefenen. En dan nog… echte dichters zijn zeldzaam als zwanen. Heil heerser, stadsbestuur of vorst die over een goede poëtische smaak beschikt. Hem of haar wacht eeuwige roem. Maar dan moet de vorst of bestuurder wel een zwaan van een lelijke eend te weten onderscheiden. Moormann haalde in dit verband een mooi citaat van de dichter en classicus J.P. Guépin aan (n.a.v. het meer dan voortreffelijke ridderepos Orlando Furioso van Ludovico Ariosto 1471-1532):

"De gieren zijn vleiers, maar de zilveren zwanen zijn de dichters die er voor zorgen dat mensen die de dichters waard zijn (uomini degni da’ poeti) aan de vergetelheid ontrukt worden. O scherpzinnige vorsten met onderscheidingsvermogen, die het voorbeeld van keizer Augustus volgt en U dichters tot vriend maakt, waardoor U de golven van de Lethe niet hoeft te vrezen!
Echte dichters zijn net zo zeldzaam als de zwanen, hetzij omdat de hemel een grote hoeveelheid niet toestaat, hetzij door de gierigheid van de heren die de heilige genieën (sacri ingegni) tot bedelaars maken, de deugd (kwaliteit) onderdrukken en de goede kunsten verbannen. Omdat ze afkerig zijn van de poëzie, verslindt de dood ze geheel. Ze zouden levend uit het graf rijzen, ook als ze totaal verdorven waren; want, als ze maar zoveel inzicht hadden om de Parnassus tot vriend te maken, ze zouden welriekender zijn dan nardus of myrrhe.”
Moormann betoogde verder: “Zelf zou ik zonder poëzie niet kunnen leven. Het is niet enkel het zout maar ook de room in mijn pap. Zonder dat goedje zou ik niet goed functioneren. Wat mij betreft zou je de definitie van functioneel analfabetisme‚ best kunnen oprekken: wie geen poëzie verstaat of deze verkwanselt met lukrake rijmelarij, want iedereen moet het toch kunnen begrijpen, verdient het om voortaan functioneel analfabeet te heten.”

Na George Moormann’s krachtige pleidooi voor de poëzie trad mede-organisator Dolly Bellefleur voor het voetlicht met een persiflage op dwarsfluitiste Berdine Stenberg.
De eerste voordracht was van Jenny Klevering.
Deze beeldhouwer en schilder van met name voluptueuze dames probeert in haar beeldgedichten een antwoord te vinden op de vraag wat kunst nu eigenlijk (voor haar) is.

Jacinta Heijmans

Verrassend was het optreden van beeldend kunstenaar Jacinta Heijmans die gedichten voordroeg van haar overleden vader Eduard Heijmans. Met ieder gedicht van haar vader oogstte zij een geestdriftig applaus! In de jaren zestig was Eduard Heijmans een bekend materieschilder. Dat wil zeggen hij verwerkte in zijn schilderijen vreemde materialen als bijvoorbeeld walvisbaleinen, ijzerafval van de hoogovens en touw. Hij had solotentoonstellingen in o.a. het Stedelijk Museum in Amsterdam en het van Abbemuseum in Eindhoven. In 1966 begon Eduard Heijmans aan een bijzondere serie monotypes. Deze collectie is recentelijk herontdekt door galeriehouder Willem Snitker. In 2006 zal er in zijn galerie De Bleeker in Heemstede een grote overzichtsexpositie worden georganiseerd van deze monotypes en schilderijen van zijn dochter Jacinta Heijmans. Eduard Heijmans publiceerde ook een aantal gedichtenbundels getiteld de ik hater en 24 reliëfs. Het volgende gedicht van Heijmans sluit mooi aan bij de problematiek die Jenny Klevering in haar gedichten probeert te beantwoorden.

GEBOORTE VAN EEN SCHILDERIJ

het beklemde hart en angstige beangst beklemd paniek
het komt weldra rijp en zal dan gaan geworden

confrontatie met het witte vlak
en daarop zal het gaan gebeuren

roes en razernij buiten mij om mijn handen doen
het kan niet maar het is zo ben ik het zelf?

de vloed voorbij uitstorting van de roes voorbij
alles voorbij geboorte voorbij het is!

Joke Breemouer

In een vraaggesprek met Joke Breemouer bleek dat haar, met name door haar vader, de liefde voor taal met de paplepel is ingegoten. De directeur van de Kunstlijn bedankte George Moormann en Dolly Bellefleur uitgebreid voor hun uiteenlopende bijdragen aan deze twintigste editie van de Kunstlijn. Zo verzorgden zij o.a. gezamenlijk de opening van de Kunstlijn en presenteerde La Bellefleur, als een ware Dolly Dog, een hondenparade ter gelegenheid van How much is that doggy in the window? (Een bijzondere expositie in de etalages in de Spaarnwouderstraat). Moormann verzorgde niet alleen de opening van de expositie Gewoon op je Bord (Keramikos) maar stelde hier ook zelf werk ten toon. Tenslotte was er ook werk van Moormann te zien op de expositie Playground (Patronaat). Zijn videokunst werd getoond met die van internationaal bekende kunstenaars als Danielle Kwaaitaal en Micha Klein. Over dubbeltalenten gesproken!

De favoriete gedichten van Joke Breemouer bleken Beginselen van Bert Schierbeek, opgedragen aan de door Breemouer zo bewonderde Jan Sierhuis en Eventjes van Hannes Meinkema. Een gedicht dat voor de vele aanwezige vrouwelijke kunstenaars, ook Anno Dolly 2005!, uit de dagelijkse praktijk bleek gegrepen:

EVENTJES

ik ga eventjes werken zegt ze tegen de kinderen
eventjes
moeten jullie me niet storen

en de precieze beelden die ze maakt
zijn de schrijnende en
levenslange
bronsgewordend veelheid van gevoel
van iemand die als ze het niet langer uithoudt
eventjes
in de auto voor de deur alleen moet zitten zijn.

Gerrie Hondius

Striptekenaar Gerrie Hondius behoort langzamerhand tot de vaste en graag geziene gasten van het PoëzieCafé. Behalve Lijnentrekkers, het leitmotiv voor haar eerste stripbundel Als je je niks verbeeldt dan ben je niks (2000), las ze drie gedichten voor die in de voor haar zo inspirerende omgeving van het PoëzieCafé zijn ontstaan.

Paul Marselje

De muziek werd deze keer verzorgd door de Haarlemse troubadour Paul Marselje. Hij zong een aantal liedjes van zijn allernieuwste CD Daar woon je, over Haarlem en omgeving.
Vooral zijn spotlied Zonder wethouders zal alles beter gaan sloeg aan bij het enthousiast meezingende publiek.

Na een korte pauze zong Dolly een prachtige hertaling van Vincent, de ballade van de Amerikaanse zanger Don Maclean over Vincent van Gogh.

Desirée de Koster

Beeldende kunst is een belangrijke inspiratiebron in het leven van Desirée de Koster. Zij was bijvoorbeeld lange tijd schildersmodel. Op haar opmerking dat ze lange tijd het favoriete model was geweest van een materieschilder reageerde Dolly zuchtend : “Wat lijkt me dat mooi om geschilderd te worden door een materieschilder. Ik heb het nooit verder geschopt dan een hysterieschilder.” De Koster schreef ook een aantal gedichten in opdracht van het Cobramuseum over het werk van Anton Heyboer, Pierre Alechinsky en Shinkichi Tajiri. Een primeur deze middag vormden de gedichten die zij voordroeg uit een onlangs verschenen bundel beeldgedichten die zij samen maakte met beeldend kunstenaar Joris Verdonkschot (Erg mooie beelden! Vooral zijn koppen van Baudelaire en Daumier boeiden George. Overigens is de bundel ook fraai uitgegeven. Je kunt deze bestellen bij Spijk Art Projects te Venlo).

Kunsthistorica Corlyn Bol voltooide onlangs een roman over het leven van Rembrandt waarin zij de heftige relatie tussen de schilder en zijn concubine Geertje Dircx heeft proberen te reconstrueren. Dichters liegen de waarheid? Haar roman blijkt een verrassende combinatie van fictie en werkelijkheid te zijn geworden. Het publiek genoot van haar eigenzinnige voordracht.

Marion van Schaik

In de vaste rubriek De Boekenkast van... dit keer het woord aan Marion van Schaik van boekhandel H. de Vries. Op de vraag van George Moormann of er in een grote algemene boekhandel als De Vries nog plaats is voor poëzie gaf zij antwoord met een volmondig ja. Ze vertelde dat het Boekhandel de Vries gaat om de kwaliteit van de boeken. Het gaat bij poëzie vaak om zogenaamde ‘eentjes en tweetjes’ maar toch verkoopt ze veel liever gedichtenbundels dan bijvoorbeeld nieuwe edities van het Groene Boekje. De poëzie neemt bij De Vries ook een bijzondere plaats in en staat op de meest sfeervolle c.q. ‘warme afdeling’ namelijk in een voormalige paardenstal. Marion van Schaik koos een gedicht van Remco Campert als favoriete gedicht en haalde een in de winkel geschreven versje aan van Drs. P. die over de poëziekast van boekhandel H. de Vries schreef: ‘Het tegendeel van tijdverlies is het vertoeven bij De Vries’. Een boekhandelaar moet prioriteiten stellen. Dagelijks spelen er keuzes als: gaat het om kwaliteit, past het in ons assortiment, hebben we er klanten voor en zijn we zelf enthousiast. Aan dat enthousiasme ontbrak het bij de chef winkel H. de Vries Boeken allerminst. Ze verklaarde het hartgrondig eens te zijn met Ian McEwans pleidooi voor poëzie als roep om beschaving. Op de wetenschap vertrouwen we blindelings, maar als we het hebben over de reddende kracht van de poëzie of haar helende kracht rennen we snel een deurtje verder… Ze raadde alle aanwezigen met klem aan zich naar de boekhandel te spoeden voor McEwans prachtroman Saturday. George Moormann bedankte Marion voor haar goede smaak en herinnerde het gehoor bovendien aan de jongste uitgave van De Zingende Zaag; De Verloren Talisman, die ook al gaat over het wel of niet geloven in de reddende of magische krachten van poezie. Zie http://www.dezingendezaag.com/pages/talisman.html

Renée Borgonjen

Kunsthistorica Renée Borgonjen is geen onbekende in het Haarlemse kunstleven. De afgelopen jaren stelde zij diverse spraakmakende tentoonstellingen samen in o.a. het ABC Architectuurcentrum. We noemen bijvoorbeeld de expositie Schrijvershuizen. Bij het zelfde ABC verscheen ook Zig-Zag over het Sparen, een poëtische wandeling langs dat min of meer gekanaliseerde stroompje van tien kilometer lang dat door de Spaarnestad kronkelt. Haar gedicht De kus revisited, een hommage aan het gelijknamige beeld van Auguste Rodin, werd onlangs door componist Heleen Verleur op muziek is gezet en verschijnt binnenkort op de nieuwste CD van mezzo-sopraan Renée Harp.

DE KUS REVISITED

ze lazen over Lancelot,
Paolo en Francesca
proevend van de woorden op hun lippen
letters over de schreef

Dante viel voor hun verhaal,
zoals een dood lichaam valt
schreef ze voor eeuwig in het rond, in het rond
liet ze in helse cirkelen draaien

Rodin zette ze stil in de tijd in een beeld,
van steen en meer dan levensgroot en bloot
wij lopen eromheen
om die kus

het beeld als koppelaar, Galeot
het beeld, het boek en het verhaal
geen slot, er komt geen einde aan
in tongen en talen
en een slang die in zijn staart bijt

Spontane bijdrages

Marion Reulen, de voorzitter van de kunstenaarsvereniging De Vishal droeg tijdens een verrassingsoptreden een gedicht van Erik van Os uit zijn bundel Ik was zo’n steentje in jouw schoen (Uitgeverij Zirkoon, 2001) voor.
Na het tweede optreden van Paul Marselje las Dolly Bellefleur het gedicht Schilderij voor van de dichter en journalist Jan Fekkes. Die was wel uitgenodigd maar kon niet aanwezig zijn.

SCHILDERIJ

In de omlijsting van de tuin
stond ik plotseling bevroren.
In een doorzichtig Willink-licht
kregen de tulpen een gezicht
van was. Zou iemand mij nog horen?
Maar misschien kijk ik al lang
ingelijst vanaf 't behang.

Afsluiting

George Moormann en Dolly Bellefleur bedankten alle aanwezigen, dichters en publiek, voor hun actieve inbreng. Moormann besloot met twee gedichten, waarvan een een beeldgedicht was van Pierre Kemp. Dat drukte zo mooi zijn verrukking uit toen Kemp voor het eerst in het Rijksmuseum ‘Het Joodse bruidje’ van Rembrandt zag hangen:

HET ROOD VAN HET JOODSE BRUIDJE

Ik heb het Rood van ’t Joodse Bruidje lief,
van toen ik het zag voor het eerst
en ik nog niet begreep,
welk een verkering die dag begon.
Ik kwam er ook op dagen zonder zon,
of dat haar licht zich maar even verhief
en vloeide weg in een wankele streep,
dan zocht ik de nuance, die het teerst
en toch nooit diep genoeg
mij lang te blijven vroeg.
Ik zag het Bruidje met de linkerhand
piano spelen op de rechter- van
haar door de tijd bedeesde man
en ik werd niet jaloers. Dat was hún band.
Ik kwam niet door hun minne-schikking treden,
het is mij om het Rood van haar kleed en
anders niets te doen,
ook niet om de entourage in goudig-groen.
Alleen die kleur zien als een kleur van heden,
of Rembrandt naast mij er mee speelde
binnen de bronzen van de achtergrond
en welke kleuren hij er nog penseelde,
er toch die kleur voor alle tijden vond.
Ontstond zij met of zonder schilderstok,
het is zijn Rood, waarin hij zong Bruidjes rok;
het is mijn Rood, rondom haar rechterhand,
neen, geen fluwelen, franjes of kant,
het is maar rood, het Rood, dat ik aanbid,
vooral als ik in de zon naast Rembrandt zit.

George Moormann

Het laatste gedicht van deze middag was het stadsgedicht dat George Moormann dit jaar schreef ter gelegenheid van het honderd-jarig bestaan van boekhandel H. de Vries. Het staat in Hier vind je de hele wereld, Een eeuw H.De Vries Boeken (90-75439-05-09: Charles Coster & Hans Hoffmann, @ H. de Vries Boeken, 2005, Haarlem)

DE BOEKENGEK

Honderd jaar H. De Vries praat me er niet van
pleisters, verbandgaas, een plak volvette kaas,
van alles heb ik hier tussen de middag
als boekenlegger gevonden, dit city city

bang bang leven dat boem pats om het even,
oorsmeer of de mascara van een traan,
als een vieze vinger blijft plakken voordat het
oplost in de plooien van Sint Juttemis pij.

Mijn allergrootste nachtmerrie echter
is de kast Antarctica, niet de flora of de fauna
- het niet te verteren zo droevig lot van de
stormvogel of sneeuwwitte zuidpoolkip -

maar de hamvraag of meneer de ijsbeer
ze eigenlijk wel in het Engels leest,
de ‘penguins’ die hij voordat hij ze verscheurt
nog even met z’n snuit en klauwen keurt?

PoëzieCafé De Zingende Zaag tijdens Kunstlijn

Op zondag 6 november presenteren George Moormann (Haarlemse stadsdichter) en
Dolly Bellefleur (Haarlemse stedenmaagd) voor de vierde keer hun PoëzieCafé in Café Cicero (Lange Begijnestraat 10 in Haarlem).

In het kader van de Kunstlijn, de Kunstmanifestatie die van 4 tot en met 6 november voor de twintigste keer wordt georganiseerd in Haarlem, is er veel aandacht voor de relatie tussen Beeldende Kunst en Poëzie.

Naast een bloemlezing van gedichten van de hand van beeldend kunstenaars die zich in het verleden hebben beziggehouden met het schrijven van gedichten (o.a Cocteau, Lucebert, Michelangelo en Rosetti) zullen ook dubbeltalenten van nu voordragen uit eigen werk. Medewerking is toegezegd door Corlyn Bol (kunsthistorica/dichter), Renée Borgonjen (tentoonstelingsmaker/dichter), Gerrie Hondius striptekenaar/dichter) en Jenny Klevering (beeldhouwer/dichter).
Tevens aandacht voor 'gedichten over schilderijen', o.a. van Willem van Toorn,
Ed Leeflang, Wiel Kusters en George Moormann.

Speciale gasten op 6 november zijn: Joke Breemouer (direkteur van de Kunstlijn) en Marion van Schaick (H.de Vries Boeken).

Muzikale omlijsting: Paul Marselje

Aanvang: 17-19.30 uur
Entree: gratis

Bestel nu onze laatste prachtuitgave De Verloren Talisman met 37
hedendaagse dichters op zoek naar de magische oorsprong van de taal.
Recensie NRC http://dezingendezaag/pages/archief.html

PoëzieCafé De Zingende Zaag wordt mede mogelijk gemaakt door
Gemeente Haarlem,
G. de Vries IJzerhandel, A.J. van der Pigge anno 1849, Palm Breweries, Mark Keppel Lijstenmakerij en Galerie, De Zingende Zaag Producties en Café Cicero.

Terug naar boven

 

 

Jubileum
Fondslijst
Bestellen
Beurzen
Poëziecafé
Recensies