POËZIE ALS...

Er staat veel poëzie in het vierde nummer van het sympathieke, weer mooi verzorgde tijdschriftje De Zingende Zaag. Esther Jansma dicht over de kunst, de dood en ook over zwanger zijn - “Hoe het was, compleet/ met botten pezen spieren bloed/ een hart dat het vooruit joeg/ tot het hard van willen leven/ door me schuift”. Ook uit de uiteenlopende definities van poëzie waarmee dit nummer, in negen citaten begint, kan geconcludeerd worden dat De Zingende Zaag niet eenzijdig wil zijn.
Margot Engelen - NRC Handelsblad, 26 september 1989

Gedichten van Jan Bervoets, Martin Bril, Mark Fekkes, Meindert Inderwisch, Esther Jansma, George Moormann, Luigi Pirandello, Arthur Rimbaud en Marc Windsant.
•Briefwisseling tussen Hans Andreus en Simon Vinkenoog.
•Beeldbijdrage: Gemengde techniek op wit karton van Jeroen Kee.
De Zingende Zaag op Locatie: Café Vertigo/Filmmuseum - Amsterdam, 25 augustus 1989 [met Meindert Inderwisch, Gerry van der Linden, George Moormann en Rogi Wieg]

ISSN 0922-6192 - DE ZINGENDE ZAAG 4, Augustus 1989.
OMVANG: 44 pagina’s, BOEKFORMAAT: 14,7 x 20,6 cm, genaaid gebrocheerd.
OPLAGE: 250 genummerde en gesigneerde exemplaren.
(niet meer leverbaar).

Recensies: NRC-Handelsblad 26-09-1989 en Kiosk, jrg. 3-nr. 9, 1989.