2004-03.4
9 mei 2004: Nieuwe Vide en gepubliceerd in Eindeloze Werken

GUM OP SOFA

1

Jezelf zijn en toch rekening houden
met de troep die je achterlaat,
vragen naar een omvattende zin,
maar niet hoe
het komt zo gestoord te zijn dat je
vooral geïnteresseerd bent in de krassen en
butsen van een ander.

2

Geen excuus, geen reden,
zonder verdoving
tot diep in het oog gesneden,
om het schokkend duister ruimte
te bieden voor een pas op de plaats.

3

Om te voorkomen dat wij
bloeddoorlopen ogen krijgen, al
flitst hij ze wel, lijnen die als je niet
oppast het excuus van een
moordenaar zijn.

4

getekende rimpels (zie 3)

5

Verliefdheid die eigenlijk
een te groot medelijden is,
een dwaalspoor die hem monddood
zal maken, zijn overdreven
compassie voor een potlood.

6

Compassie die langzaam overgaat
in passie,
vooral als hij inziet dat
geslepenheid pas
zin heeft als je op een handige
manier gebruik maakt van
de verzachtende omstandigheden van
een gum, de glibberigheid waaraan
een mens zich – nu eenmaal –
vast moet houden.

7

Tel ze maar de kleuren,
als het maar zwart is.

8

De beste houding is meanderend,
drie maal daags, druppelend
de rivier van grafiet die
door je lichaam loopt, deze slierten
die je somtijds onpasselijk maken
maar ook doen jubelen – in het Frans!
in hele grote, met de hand geschreven
letters van zwarte inkt:

Mesdames et Messieurs!
Quand il a fini de le dire,
il n’existe plus.