2005-01
DE BOEKENGEK

Honderd jaar H. De Vries praat me er niet van
pleisters, verbandgaas, een plak volvette kaas,
van alles heb ik hier tussen de middag
als boekenlegger gevonden, dit city city

bang bang leven dat boem pats om het even,
oorsmeer of de mascara van een traan,
als een vieze vinger blijft plakken voordat het
oplost in de plooien van Sint Juttemis pij.

Mijn allergrootste nachtmerrie echter
is de kast Antarctica, niet de flora of de fauna
- het niet te verteren zo droevig lot van de
stormvogel of sneeuwwitte zuidpoolkip -

maar de hamvraag of meneer de ijsbeer
ze eigenlijk wel in het Engels leest,
de penguins die hij voordat hij ze verscheurt
nog even met z’n snuit en klauwen keurt?

Stadsgedicht in Opdracht t.g.v. het 100 Jarig Bestaan
van H. de Vries Boeken 25 maart 2005